10-06-06

OerKahn

Kijk ik naar voetbal dan ben ik Onslow, je weet wel, de man met wat eens een wit onderlijveke was uit de reeks Schone Schijn met Hyacinth Boucquet. Ik drink geen klein bier. Slechts een blik van een halve liter past in mijn bereklauw. M'n andere hand rust op m'n kruis. Regelmatig krab ik hoewel het nergens jeukt. De ogen van een idiot savant heb ik in bruikleen van een wereldverbeteraar om de hoek. In het midden van de nacht kijk ik naar de samenvatting van de eerste dag van het wereldkampioenschap op BBC. Ik ben alleen op de wereld en voel mij de koning te rijk. Mijn vriendin is allang naar bed.

Smug, zo bestempelt de Engelse commentator de blik van Ollie Kahn op de bank, net nadat Jens Lehman de tweede treffer van Costa Rica heeft moeten toestaan. Ik heb medelijden met Jens. Volgens mij trekt Kahn geen gezicht, zoals het journalistiek canaille ons wil doen geloven, maar hoogstens een grimas, zo van: mijn kont is beurs van het langdurig zitten op deze rotbank, en natuurlijk: mijn beurt komt nog.

M'n vriendin fluistert mij de ochtend nadien een pikante roddel in m'n oor. Wij liggen gezellig in bed. Eerst hebben wij liggen smoezelen en daarna vertel ik haar over het leedvermaak dat de media van Kahns' blik meenden af te lezen. "Let op" zegt zij "het zou best kunnen dat Kahn het leuk vindt telkens z'n concurrent een doelpunt tegenkrijgt. Die Olli is immers een rotzak eerste klas. Ik heb nog in de Bild gelezen dat die junglemens zijn hoogzwangere vrouw met een jong delletje met dikke tieten heeft bedrogen. Zijn huwelijk is door die affaire op de klippen gelopen. En hij had nochtans een heeeeel knappe vrouw!" Zulke praatjes moet ik dus vroeg in de ochtend aanhoren. Dat vind ik best ok. Roddels kruiden een wereldkampioenschap en achterklap zou een vorm van hersentraining zijn. Verder vertrouwt mijn vriendin mij toe dat vrouwen Kahn doorgaans erg aantrekkelijk vinden omdat er een oerkracht van hem uitgaat. "Vergeet niet dat veel vrouwen ervan dromen brutaal genomen te worden" fluistert zij mij in m'n oor. Ik zucht en zeg: vandaag speelt Engeland tegen Paraguay, wat denk je? en ik spring uit bed, zo rap als een kreupele gnoe, trek mijn vuil onderlijfke van gisteren en eergisteren aan en ga pistoleekes halen naar de bakker. Een wereldkampioenschap is niet alleen een zaak van talent, maar ook van keiharde discipline.

Vreemd waren de capriolen die de nieuwe bal maakte, zo overdenk ik terwijl ik fiets en de frisse stadslucht opsnuif. De afstandschoten van Lahm en Frinck zwieberden alle kanten uit. Of zwieberen een correct Nederlands werkwoord is? Dat weet ik niet. Met zwieberen bedoel ik: de bal maakte heel rare bokkensprongen. In mijn verbeelding zie ik louche Aziaten aan de slag in achterafkamertjes. In het fletse schijnsel van een flikkerend peertje naaien zij chips tussen binnen- en buitenbekleding van de nieuwe bal, of magneten, daar ben ik nog niet uit. Waarna de ogenschijnlijk normale bal bestuurbaar wordt door middel van een goedkope universele afstandsbediening made in Taiwan. Zou kunnen, toch? Economisch zou het een ramp betekenen mocht Duitsland vroeg uit het tornooi geflikkerd worden. Dus waarom zouden onze Teutoonse buren zich niet op high tech snufjes verlaten?

10:56 Gepost door Geert De Busschere | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.